Bij: Exodus 20:8-11; Deuteronomium 5:12-15; Marcus 2:27; Handelingen 20:7; Kolossenzen 2:16-17; 3:13-17; Heidelbergse Catechismus Zondag 38.
Melodie: JdH 847 (Rust mijn ziel, uw God is Koning); LvdK 459 / 801 (Door de nacht van strijd en zorgen).
NB: vers 1 en 5 zijn geïnspireerd door het lied ‘Rust mijn ziel, uw God is Koning’ (JdH 847) en vormen een oproep om tot rust te komen; vers 2-4 zijn anders van karakter: ze verwoorden een verlangen om het 4e gebod in praktijk te brengen. Dit aan de hand van wat de Heidelbergse Catechismus in Zondag 38 noemt.
1 Rust maar uit bij God, je Schepper;
heel de wereld is van Hem.
Kom op adem, laat je vullen
door de woorden van zijn stem.
2 Wilt U, Heer, er zelf voor zorgen
dat uw Woord steeds klinken mag
in de kerken en de scholen
en vooral op Christus’ dag.
3 Trouw blijf ik uw kerk bezoeken
om te horen naar uw Woord.
Ik neem water, brood en wijn aan,
bid en help wie arm zijn voort.
4 Elke dag wil ik zo leven,
dat ik slechte dingen laat.
Laat uw Geest in mij steeds werken,
tot de grote rust ingaat.
5 Rust maar uit bij God, je Redder;
alle dagen zijn van Hem.
Kom op adem, leef en wacht maar
op het nieuw Jeruzalem.
KvH, 27 september 2026
Dit lied is gemaakt bij een overdenking over het vierde gebod.